donderdag 30 september 2010

Terug naar de muskusossen



Nu we weten hoe te handelen met deze dieren keren we natuurlijk de volgende dag alleen terug. Alleen inderdaad want op de hele hoogvlakte is geen kip te zien; heerlijk.
Vandaag neem ik de zware 300-800 mm lens mee omdat ik de echte scherpte gisteren in veel foto’s wat miste. Ik heb een speciale tracking rugzak aangeschaft en draag het gewicht geheel op de heupen. Toch blijft het zwaar en lijkt hij elke stap nog zwaarder te worden. Natuurlijk valt het klauteren aan het begin weer tegen maar na een half uurtje kom ik in mijn ritme. Handig op deze hoogte is dat je door de ijle lucht verrassend snel hersteld.





Op het moment dat we weer voetafdrukken en poep vinden beginnen we nauwkeurig het fjell af te speuren. We zien een enorm uit de kluiten gewassen stier op zo’n 500 meter afstand van ons lopen. In de GPS geef ik aan waar we het pad verlaten waarna we het ruige terrein instappen. En ruig is dat terrein absoluut. De dichte begroeiing is zo’n 75 cm hoog en de ondergrond wisselt van grote stenen op het ene moment naar zompig veen een paar meter verder. Bovendien bult op, bult af waardoor we de stier uit het zicht dreigen te raken. Dat mag eigenlijk niet gebeuren want je moet er niet bij nadenken als je ineens op de rand van zo’n bultje stapt en oog in oog staat met deze uitsmijter. Dat gaat gelukkig goed want het dier blijft rustig door grazen. Al fotograferend laten we hem op gepaste afstand langs ons heen schuiven en op het moment dat hij weer ver genoeg bij ons vandaan is gaan we op weg naar de groep van tien dieren die een stuk verderop ligt te pitten. Ik heb inmiddels natte voeten op het moment dat we de groep bereiken. Zoals ons geleerd was laten we ze aan onze aanwezigheid wennen maar echt onder de indruk zijn ze niet want ze zijn in een diepe slaap. Maar schijn bedriegt want reken er maar op dat ze onze aanwezigheid al lang door hebben. Een klein kalfje heeft zijn slaap al uit en begint al scharrelend steeds dichter bij ons te komen. Dat lijkt mooi maar voelt niet goed want als moeders ziet dat wij wel erg dicht bij elkaar zijn is de kans groot dat zijn denk dat dit onze schuld is en maatregelen nemen. Even een stukje terugtrekken dus.






Er gaat een uur voorbij als de volwassen dieren ook wakker worden en al herkauwend beginnen rond te lopen. Deze plek is echter niet waar ik op gehoopt had. Ik wil ze graag in de herfstkleuren hebben en die bevinden zich toch echt een stuk verderop. We besluiten een gok te nemen en ons toch die kant op te verplaatsen en positie in te nemen. Wonder boven wonder duurt het niet lang of de dieren veranderen van koers en komen precies langs het beoogde plekje.
We blijven rustig zitten op de ruig begroeide helling; ook als enkele dieren wel heel erg dichtbij komen. Ik moet zelfs de full frame camera plaatsen om de beesten helemaal in beeld te kunnen krijgen. Man wat is dit genieten!







Een van de ossen heeft kennelijk al eens in een gevecht een van zijn hoorns verloren want die zijn duidelijk verschillend van grootte. Dit soort gevechten vinden ook nu af en toe plaats want het is bronsttijd. Ook vandaag zien we weer dergelijke taferelen. Porbleem is alleen dat ze volstrekt onverwacht plaatsvinden en ook zo weer voorbij zijn. Indrukwekkend is het wel.
Als aan het eind van de middag de kudde aan ons voorbij getrokken is begint het te betrekken en zien we flinke regenbuien op ons afkomen. Heerlijk; de dynamiek van zo’n gebied.













Op de website nog meer nieuwe beelden van deze dag.
En binnenkort....meer!

woensdag 29 september 2010

Herfst in Dovrefjell

Ik ben net weer thuis gekomen van een mooie week in Noorwegen. Het was mijn voornemen jullie weer live op de hoogte te houden maar door het ontbreken van een internetlijn is dat helaas niet gelukt. Daarom vanaf nu alsnog een aantal verslagen van deze reis.



Ik ben weer op fotoreis en dit keer trek ik er samen met Rene Koster op uit om in Noorwegen op zoek te gaan naar Muskusossen. Deze keer in september een keer niet het zoveelste edelhert maar het nog grotere kaliber van de muskusos. Deze grote hoefdieren en behorend tot de geitenfamilie waren tot op een haar na uitgestorven maar op de hoogvlakten van Dovrefjell leeft gelukkig nog een populatie. Dit gebied bevindt zich ter hoogte van Trondheim dus een flink stuk Noorwegen in. Rond 1992 kwam ik hier voor het eerst met mijn broer en vonden we na een pittige bergwandeling van uren een groep muskusossen op de besneeuwde hellingen van de hoogvlakte. Toen al beloofde ik me zelf hier ooit eens terug te komen.
We reizen via auto en ferry en kwamen op zondagnacht aan op de besproken camping. We hadden vooraf de nodige contacten gelegd en de bedoeling van de reis toegelicht. De contactpersoon, Ingmar, heeft een van zijn blokhutten voor ons gereserveerd welke ons de komende dagen onderdak zou gaan bieden. Toen we om twee uur in de nacht aankwamen was de deur open en de kachel aan. Ingmar wil ons al de volgende ochtend meenemen het Fjell (de hoogvlakte) op dus het was helaas een kort nachtje. Maar hier komen we voor dus we staan keurig op tijd en vol bepakt klaar en rijden achter hem aan. We zien de omgeving nu voor het eerst in daglicht en het lijkt er op dat ik de reis precies goed gepland heb. De roemruchte Noorse herfstkleuren zijn schitterend. Een schakering van kleurtjes van geel tot groen en van rood tot bruin sieren de berghellingen; dat is nu precies wat ik zo graag wilde.
Op de parkeerplaats aangekomen maken we kennis met een filmend Nederlands stel en een Zwitserse natuurfotograaf met zijn vrouw. Het is de bedoeling dat Ingmar Rene en mij leert de dieren te vinden en vooral het gedrag te leren kennen. Na een spoorbrug over te zijn gestoken stappen we het veld in en is het gelijk klimmen geblazen. Het valt me op dat er wat vreemd, mystiek, licht is op de hoogvlakte. Dat zullen we vast in de foto’s terug gaan zien.
Al betrekkelijk snel ziet Ingmar sporen in de vorm van pootafdrukken en verse poep. Ze moeten dus in de buurt zitten en vanaf nu is het een kwestie van stil zijn en de fjell afspeuren. Op deze manier klimmen we verder het gebied in en na zo’n half uurtje zien we een stier ver van ons af tussen de vegetatie van korstmossen, bosbes en dwergwilg staan. Vanaf hier gaan we met een boog verder met als doel de wind in ons gezicht te houden. Dit om te voorkomen dat de muskusossen ons ruiken. Dat is hier niet met alle dieren noodzakelijk daar er zo onderaan de fjell wel vaker contact met mensen is. Toch zijn deze dieren anders qua gedrag dan de dieren waar men soms bussen vol met toeristen naar laat kijken. Gevolg is dat deze zich slechts op grote afstand laten zien en dus eieren voor hun geld kiezen. Nee, de dieren die wij bezoeken zitten wat anders in elkaar. Ingmar leert ons dus hoe om te gaan met deze beesten zodat we weten hoe te handelen in het geval we ze later zelf tegen gaan komen.



Bij het naderen zien we meerdere dieren lopen en tel ik elf ossen. Het laatste stuk lopen we in een lijn richting de dieren en komen we binnen de hier overal aangegeven gevarenzone van 200 meter. Ingmar weet wat hij doet dus het zal wel snor zitten. Muskusossen staan er om bekend dat ze voor niets en niemand bang zijn en hebben hier dan ook al eens voor slachtoffers gezorgd. Daarom wordt geadviseerd die veilige afstand aan te houden. Maar ja, als fotograaf wordt je niet vrolijk van 200 meter als afstand dus heel stiekem hoopte ik al op meer. Toch merk ik dat het nu flink spannend aan het worden is.



Ingmar is van kind af aan betrokken geweest bij het wel en wee van de muskusossen in Dovrefjell en kent het gedrag van deze dieren dan ook als zijn broekzak. Op zo’n 100 meter gaan we rustig zitten om de dieren te observeren maar vooral om ze aan onze aanwezigheid te laten wennen. Ze moeten onze geur tot zich gaan nemen en beseffen dat ze van ons niets te vrezen hebben. Pas daarna gaan we verder. Verder? Ja, inderdaad. Nadat we de nodige verdere informatie over de dieren hebben gekregen en onze fotospullen klaar hebben gemaakt neemt Ingmar ons mee nog dichter naar de dieren toe en ik moet zeggen; dan wil je hart wel even tekeer gaan. Ik denk dat we tot op zo’n veertig meter zijn geweest. Dichter bij wil ik ook helemaal niet want zulke enorme beesten met een telelens op je camera wil je ook weer niet te dicht bij hebben. Maar goed; ik schiet mijn platen en geniet volop. Omdat de kans groot was dat we meerdere uren zouden moeten zoeken had ik besloten om niet de 300-800 mm maar de wat lichtere 200-400 mm lens mee naar boven te slepen. Ik heb deze lens nog maar net en vooral in combinatie met de 1.4x converter zal het een gok zijn zo’n eerste dag. Om een uur of twee verlaten Ingmar en de andere mensen ons. Zelf blijven we nog een tijdje in het veld rondhangen en fotograferen we nog wat kleine strubbelingen tussen een aantal jonge stieren. Het is bronsttijd dus de heren worden wat bokkig naar elkaar toe. Wat een dag om deze reis mee te beginnen!













Door een kennelijke storing bij Blogger is het niet mogelijk meer foto's te plaatsen. Er staat echter een hele serie voor u klaar op mijn website.
Er zal snel een vervolg op dit verslag komen.

vrijdag 10 september 2010

Door de ogen van een deelnemer

Het leuke en meest motiverende van het organiseren van fotoreizen is wel de enthousiaste reacties tijdens en na de reis. Op menig weblog en website zijn verslagen van de reizen te lezen; echt nagenieten dus en wellicht het bewijs voor mij dat het goed was.
Zo ontving ik net een artikel uit een personeelsblaadje van Henk Bentlage. Een kort en leuk verslag van zijn beleving tijdens de zeevogelreizen van afgelopen voorjaar.



Klik op bovenstaande foto om het artikel te lezen.

Neem ook eens een kijkje op de website van Henk Bentlage.